|
|
 |
Henk Badings |
PRINT
Henk Badings werd geboren te Bandung (in het voormalig Nederlands Indië), op 17 januari 1907. Hij overleed te Maarheeze op 26 juni 1987.
Opleiding
Hij studeerde geologie aan de Technische Hogeschool te Delft waar hij in 1931 cum laude afstudeerde. Intussen had hij zich, hoofdzakelijk autodidactisch, tot componist ontwikkeld.
Activiteiten
Hij was werkzaam als assistent in de historische geologie en paleontologie aan de Technische Hogeschool in Delft. Van 1935 tot 1945 was hij als leraar en directeur verbonden aan verschillende Nederlandse conservatoria. Na 1945 heeft hij zich voornamelijk aan het componeren gewijd. In 1956 richtte hij een elektronische studio op in Eindhoven bij Philips, later doceerde hij akoestiek en informatica aan de Universiteit van Utrecht en was hij Professor aan de Musikhochschule van Stuttgart. Als gastdocent ging hij naar Australië en de Verenigde Staten.
Composities
Reeds in 1930, nog voor het beëindigen van zijn studie te Delft, werd zijn eerste Symphonie door het Concertgebouworkest te Amsterdam in première gebracht. In 1932 ontstond zijn tweede en in 1934 zijn derde symfonie, die zijn eerste uitvoering beleefde tijdens het Nederlands Muziekfeest in Amsterdam. Ter gelegenheid van de Vondelherdenking schreef hij in 1937 de toneelmuziek bij Gijsbrecht van Aemstel en in 1940 componeerde hij de zesdelige Java en Poèmes op tekst van Alla Baud. In 1941 ontstond het ballet Orpheus en Eurydice in samenwerking met de choreograafdanseres Yvonne Georgie, de dichter Werumeus Buning en dirigent Arntzenius. Na 1945 wijdde hij zich in hoofdzaak aan het componeren en direct ontstonden de komische opera Liefdes Lagen en Listen (eigen tekst) en enkele muziekpedagogische werken voor het aanvangsmuziekonderwijs. Henk Badings verwierf ook bekendheid als schrijver van onder andere De hedendaagse Nederlandse Toonkunst (1936), Tonaliteitsproblemen in de nieuwe muziek (1951) en een boek over 31-toonstemming (1978). Zijn 31-toonscomposities stammen uit 1952. Vooral in de vijftiger en zestiger jaren schreef hij veel elektronische werken. In 1954 verscheen zijn eerste radiofonische opera Orestes. Daarnaast schreef hij ook andere opera's en balletten met behulp van de elektronica, waaronder Die Frau aus Andros, Asterion, Genesis, Evolutions en Martin Korda. De balletmuziek, waaronder Kaïn en Abel, verscheen in 2005 op de cd Popular Electronics (Basta 30.9141.2). Badings kreeg opdracht tot het componeren van een orkestwerk voor het eeuwfeest van de Wiener Philharmoniker, een symfonie voor het 60-jarig bestaan van Het Concertgebouworkest, een Psalmensymfonie, een opera voor het Holland Festival, een symfonie voor het Louisville Symphony Orchestra (USA), een orkestwerk voor de Norddeutsche Rundfunk, een opera voor de Zuid-Afrikaanse radio en een ouverture voor het Cork Festival (Ierland).
Prijzen en onderscheidingen
- 1949 erelid van de Vlaamse Academie van Wetenschappen, Letteren en Beeldende Kunsten te Brussel
-
1950 Ballade voor orkest, onderscheiden door de Wereldomroep
-
1951 Six Images, voor koor en Trois Ballades voor vrouwenkoor, door Radiodiffusion Française, Parijs
-
1951 Suite nr. 2 voor beiaard, de Jef Denijnprijs, Mechelen
-
1952 Piano Quintet, Accademia Chigiana Prize, Biennale Venetië
-
1953 Sonate voor vioolsolo nr. 2 en 3, eerste en tweede Paganiniprijs, Genua
-
1954 Radiofonische opera Orestes, Prix Italia
-
1959 Elektronische opera Salto Mortale, onderscheiden in Salzburg
-
1959 Dubbelconcert voor 2 violen, Rostrum of Composers, UNESCO
-
1964 Concert voor 2 piano's en orkest, Premio Marzotto, Venetië
-
1965 Sound and Image (elektronische muziek) Australian Film Institute
-
1965 Honorary Citizen van New Martinsville, USA
-
1965 Medaille Arts-Sciences-Lettres van de Académie Française
-
1967 Oeuvre: Johan Wagenaarprijs
-
1971 La ballata del cacciatore sanguinario, RAI-Italiaprijs
-
1972 Gehele oeuvre: Sweelinckprijs
|
foto: Archief Donemus
|
|
|
|